Lekken

Het is iets waar zelfs dé Loodgieter uit onze Vaderlandse Geschiedenis niets kon aan doen: lekken. Al was het in die tijd toch anders dan vandaag. Toen werd wat gelekt werd d’office niet meer behandeld en voor onbepaalde tijd uitgesteld. Jean-Luc Dehaene liet zich niet onder druk zetten. Vandaag kan je met een goed gemikt lek binnen de 24 uur belangrijke politieke beslissingen laten nemen.

Ik ben in deze – ik probeer bescheiden te blijven; ik moet wel: zie verder - een kenner.

Ik zie me nog op een Brussels trottoir lopen; aan de telefoon had een onbekende gezegd waar ik om x uur stipt moest zijn. Waar een mij al even onbekende Franstalige meneer mij een grote bruine enveloppe toestopte.

Overduidelijk was dat die meneer een loopjongen was, die amper wist wie ik was. Nog duidelijker was dat hij in de verste verte niet wist welke documenten in de enveloppe zaten. (Ik schrijf over de pre-internettijd: documenten waren toen papieren, meestal fotokopieën.) Het ging over de Agusta-affaire.  

Maar ik wist dat ik daar voorzichtig mee moest zijn. Lekken zijn nooit onschuldig. Lekkers doen dat nooit omdat ze de vrije nieuwsgaring genegen zijn. Ook dat was anders dan vandaag, waar men het aloude cui prodest kennelijk vergeten is.  

En nog een verschil: ik had en nam de tijd om wat mij werd toegestopt eerst grondig te lezen. Mij af te vragen of ik het wel helemaal goed begreep, of het kon kloppen. En uiteraard waren er passages die voor interpretatie vatbaar waren. En dan begon ik te bellen. Naar al wie een en ander misschien kon uitleggen. En ik riep ook collega’s ter hulp. Twee weten meer dan één. Pas ’s avonds gingen we ermee op antenne.

De man die mij toen het beste tekst en uitleg gaf en geregeld zelfs bijkomende informatie gaf, heeft mij vele jaren later bekend dat hij het was die die papieren in de bruine enveloppe had gestoken. Het was een Vlaming, een socialist, die voor alle zekerheid een bediende van de Franstalige zusterpartij gebruikte om…  

Het allersterkste – maar ik weet in de verste verte niet meer waarover dat toen ging – was een lek waarvan toenmalig premier Martens zei dat hiermee ’s lands belang werd geschaad en dat hij er deze keer een zaak ging van maken. De dader zal worden gevonden, zei hij ietwat pathetisch. Er werd zelfs op de kanselarij een onderzoekscel gecreëerd. Aan het hoofd ervan: de man die had gelekt. Van dat onderzoek is nadien niets meer gehoord. Van ’s lands belang al evenmin.

(Ik moet opletten of ik begin hier aan mijn memoires.)

Toch, nog eentje: de affaire Trusgnach. Een ex-vriendje, zei hij zelf, van Elio di Rupo, toen vicepremier. Trusgnach was een gestoorde crimineel: hij had ooit – maar dat wisten we toen niet - verkleed als priester een mis opgedragen ter nagedachtenis van koning Boudewijn. Trusgnach beschuldigde di Rupo van pedofilie. Nota bene in 1996, het jaar van Dutroux.

Ook uit dat dossier werd gelekt. Maar net omdat er toen eerst grondig werd gewikt en gewogen, en er veel minder werd geroepen en getoeterd, bleek vrij snel dat die beschuldiging een pièce montée was, opgezet spel. Je kon het op een bepaald moment zelfs zien aan de fotokopieën: het waren stukken tekst die zichtbaar aaneengeplakt waren. Na nog geen week was di Rupo gered.

Dat is dus het verschil. Als Trusgnach met zijn beschuldigingen had gewacht tot vandaag dan was na hooguit één dag di Rupo reddeloos, de politiek zoals gebruikelijk radeloos, en de media hijgend redeloos.

Zelf lekken – geloof het of niet – heb ik niet zoveel (let op de woordkeuze) gedaan. Ik ben absoluut geen heilige, maar lekken is wel een beetje gemeen. Als je vindt dat iets geweten moet zijn, dan moet je maar de moed hebben om dat zelf te zeggen, en dan neem je de gevolgen erbij.

Ik heb in de vroege jaren 90 ooit 300 frank wedde moeten inleveren – de derde ambtelijke sanctie na de vermaning en de berisping - omdat ik in Humo gezegd had dat de BRT afstevende op het faillissement. De toenmalige administrateur-generaal vond dat niet kunnen. Ik wel. En – geloof het of niet – die 300 frank kon me gestolen worden, excusez le mot. Amper een paar jaar later vroeg de minister van media wat ik toen bedoelde. Ik vrees dat je gelijk hebt, zei hij. De BRT werd korte tijd nadien VRT…

Maar ook daar zegt vandaag de grote baas – hij heet niet meer administrateur-generaal, wel CEO; hij krijgt veel meer betaald dan zijn ambtelijke voorganger, inclusief een pensioen dat niet onderworpen is aan de wet Wijninckx – dat VRT’ers voortaan moeten zwijgen. De toegelaten antwoorden zullen worden gegeven door de Communicatiedienst. Door Hemzelf dus.

Zeker in een omroep die als het over transparantie gaat ongeveer op het niveau van Roemenië zit, kan je lekken bij wijze van spreken ook aanvragen. De minister van Media noemt de oekaze van de CEO ontzettend onverstandig, en dat klopt: dé methode om het aantal lekken exponentieel te laten toenemen is ze verbieden.

   En die CEO is een ex-journalist…

Doorbraak, 25 april 2023


Eerder

De VRT mag zwijgen

Een van de dingen die ik door de jaren heen heb geleerd is dat er in de politiek over waardigheid wordt gesproken als er geen andere argumenten overblijven. Waardigheid is de tweelingzus van populi...

Lees het hele artikel

Ampe vs de Macht

Het is vaak simpel. Er is een Stemtest van de Vlaamse openbare omroep maar die blijkt beperkt tot the powers that be. In een samenleving als de onze moet je dat dan uitgelegd krijgen. Zeker als bli...

Lees het hele artikel

De Tafel van Gert

Journalisten zijn slechte verliezers. Als elk medium hetzelfde interview wil en één omroep gaat ermee lopen, dan wordt fair play opgegeven en spelen alleen corporatisme en eigenbelang. Journalistie...

Lees het hele artikel

Arme Melissa

Met Conner wonnen we aanhang; zonder Conner verloren we er. En dus moet het weer over Conner gaan. Want zolang we het over Conner hebben, kunnen we zwijgen over de begroting en de staatsschuld. Het...

Lees het hele artikel